Home / Artikelen

Slecht slapen als baby en klachten als tiener, wat er klopt

Ouder die 's avonds bij een babybedje staat in een halfdonkere kamer
Foto: Richard Stachmann via Unsplash

Het klopt dat kinderen die als baby langdurig slecht sliepen, veel huilden of moeilijk aten, als tiener gemiddeld vaker emotionele, sociale of gedragsproblemen hebben. Het klopt niet dat een baby die slecht slaapt daardoor later psychische klachten krijgt. Dat onderscheid maken de onderzoekers zelf ook, en het is de reden waarom je als ouder van een slechte slaper nu niet hoeft te schrikken.

Het onderzoek verscheen op 8 september 2026 in het vakblad European Child & Adolescent Psychiatry en haalde op 22 september onder meer Linda, met een kop die makkelijk verkeerd valt. GGZ Nieuws en BabyWereld zetten de details op een rij.

Wat de onderzoekers hebben gedaan

De onderzoekers combineerden gegevens uit twee grote geboortecohorten. Dat zijn onderzoeken die duizenden kinderen vanaf de geboorte jarenlang volgen. Het ging om 3.870 kinderen uit het Britse ALSPAC en 1.798 kinderen uit het Rotterdamse Generation R. Ze keken naar wat ze regulatieproblemen noemen, problemen met slapen, huilen en eten in de eerste drie levensjaren. Daarna bekeken ze de mentale gezondheid van dezelfde kinderen op 10, 14 en 18 jaar.

Het verband was vooral te zien bij kinderen met meerdere van die problemen tegelijk, of met problemen die in de eerste jaren steeds terugkwamen. Die kinderen hadden later gemiddeld vaker emotionele en sociale problemen, aandachts- en hyperactiviteitsproblemen en gedragsproblemen, op verschillende leeftijden tot in de adolescentie.

Hoe sterk is dat verband

Drie dingen maken het kleiner dan de kop doet vermoeden.

Ten eerste gaat het om kinderen met meerdere of aanhoudende problemen. Een baby die een paar maanden slecht slaapt, of een periode heeft waarin hij veel huilt, valt daar niet automatisch onder. Slecht slapen is bij baby’s eerder regel dan uitzondering. Wakker worden, korte slaapcycli en tijdelijke terugvallen horen gewoon bij de eerste jaren, zoals we uitlegden in ons stuk over hoeveel een baby slaapt.

Ten tweede zegt gemiddeld vaker iets over groepen, niet over jouw kind. Ook in de groep met veel vroege problemen groeit een deel van de kinderen op zonder noemenswaardige klachten, en in de groep zonder vroege problemen krijgen sommige tieners het alsnog moeilijk. De berichtgeving noemt geen getallen over hoe groot de verschillen precies zijn, en zonder die getallen kun je niets zeggen over de kans voor een individueel kind.

Ten derde, en dat benadrukken de onderzoekers zelf, laat de studie een samenhang zien en geen oorzaak. Andere factoren, zoals de gezinssituatie, de omgeving en kenmerken van het kind zelf, kunnen zowel het slapen als baby als het welzijn als tiener beïnvloeden. Een kind dat van nature gevoeliger reageert op prikkels, kan als baby meer huilen en als tiener sneller ergens last van hebben, zonder dat het een het ander veroorzaakt. Thuisarts noemt zo’n gevoeligheid ook als een van de redenen waarom sommige baby’s veel huilen.

Waarom het onderzoek toch nuttig is

Het is geen reden tot paniek, maar ook geen onderzoek om weg te wuiven. Volgens de onderzoekers helpt het om te begrijpen welke vroege signalen samen kunnen gaan met een grotere kwetsbaarheid later. Of vroege steun aan gezinnen met een baby die op meerdere fronten worstelt die latere klachten kan voorkomen, is nog niet bekend. Daarvoor is volgens hen meer onderzoek nodig.

Wij vinden dat de praktische kant daarvan het belangrijkste is. Het advies aan ouders verandert er niet door, maar het maakt wel duidelijk waarom het zinvol is om aanhoudende problemen niet weg te zetten als iets wat vanzelf overgaat. Dat is precies waarvoor het consultatiebureau bestaat.

Wat je als ouder kunt doen

Slaapt je baby slecht, dan is de eerste stap nog altijd kijken of het binnen het normale valt. Het slaapschema per leeftijd en de gemiddelde huiltijden geven daar houvast. Volgens Thuisarts huilen baby’s in de eerste zes weken gemiddeld 2 uur per dag. Van een huilbaby spreken huisartsen bij meer dan 3 uur huilen per dag, op 3 of meer dagen per week, drie weken lang.

Komen slapen, huilen en eten samen, of blijft een probleem na een paar maanden terugkomen, bespreek dat dan met de verpleegkundige of arts op het consultatiebureau. Dat is geen alarm, maar wel het moment waarop meekijken het meest oplevert. Thuisarts wijst er ook op dat het moeilijker is om goed op je baby te reageren als je zelf moe, somber, angstig of gestrest bent. Vertel het dus ook als het vooral met jou niet goed gaat.

Maak je je zorgen over de gezondheid van je baby, omdat hij suf is, anders huilt dan je gewend bent of moeilijk ademt, bel dan de huisarts. En is je kind inmiddels tiener en merk je dat het niet goed gaat, dan is de huisarts ook daar het eerste aanspreekpunt. Hoe je kind als baby sliep, maakt dat niet anders.