Home / Artikelen

Wat de TOG-waarde van een dekbed betekent, en welke je in de winter nodig hebt

Wie online een dekbed zoekt, komt het steeds vaker tegen. Een getal met het woord TOG erachter, zoals 4,5 TOG of 13,5 TOG. Op Nederlandse verpakkingen zie je daarnaast nog een warmteklasse staan, en soms alleen “warm” of “extra warm”. Wat betekent dat TOG-getal eigenlijk, hoe verhoudt het zich tot die warmteklasse, en welke waarde heb je nodig nu de stookmaanden beginnen?
Dik wit dekbed opgevouwen op een opgemaakt bed in ochtendlicht
Foto: Cassidy Dickens via Unsplash
Inhoudsopgave

Wat TOG meet

TOG is een maat voor hoe goed een stof warmte vasthoudt. Het begrip werd in 1946 bedacht door twee onderzoekers van het Shirley Institute in Manchester, F.T. Peirce en W.H. Rees, schrijft Wikipedia. De naam komt waarschijnlijk van het Engelse spreektaalwoord togs, voor kleren. Commercieel wordt het ook wel uitgelegd als thermal overall grade.

Technisch is het de warmteweerstand van een stof. Een TOG is 0,1 vierkante meter kelvin per watt. Dat hoef je niet te onthouden. Waar het om gaat, is dat het getal lineair oploopt. Een dekbed van 10 TOG houdt ongeveer twee keer zoveel warmte vast als een dekbed van 5 TOG. Gemeten wordt het met een vast apparaat volgens de Britse norm BS 4745, waarbij de stof tussen twee metalen platen of tussen een plaat en de vrije lucht ligt.

Belangrijk om te weten is dat TOG niets zegt over de vulling. Een dons dekbed en een synthetisch dekbed met dezelfde TOG houden even veel warmte vast, ook al voelt en weegt het ene heel anders dan het andere.

TOG per seizoen

Op Wikipedia staat een gangbare indeling van dekbedden naar TOG-waarde. Die ziet er zo uit.

Soort dekbed TOG-waarde
Heel licht 1,0 tot 2,5
Zomer 3,0 tot 4,5
Lente en herfst 7,5 tot 10,5
Winter 12,0 tot 13,5

Je ziet meteen hoe een vierseizoenendekbed in elkaar zit. Een zomerdeel van rond de 4,5 TOG en een herfstdeel van rond de 9 TOG leveren samen een winterdekbed van rond de 13,5 TOG op. Kijk bij het kopen wel even naar de waarden van de losse delen, want die verschillen per merk.

En de Nederlandse warmteklasse?

In Nederland zie je naast of in plaats van TOG vaak een warmteklasse. Die telt de andere kant op. Volgens de Consumentenbond is bij een vierseizoenendekbed het dunste deel meestal warmteklasse 4 en het dikkere deel klasse 3. Knoop je ze aan elkaar, dan zijn ze samen klasse 1. Een all year-dekbed, dat je het hele jaar gebruikt, zit meestal in warmteklasse 2 of 3. Hoe lager het klassegetal, hoe warmer dus, terwijl bij TOG een hoger getal juist warmer is. Daar gaat het bij het vergelijken nog weleens mis.

De Consumentenbond wijst er ook op dat het vulgewicht minder zegt dan je denkt. Een wollen tweepersoons winterdekbed kan bijna 4 kilo wegen, terwijl een dons of polyester dekbed van dezelfde maat tot anderhalve kilo lichter kan zijn en toch even warm. Vulgewicht kun je alleen vergelijken tussen dekbedden met dezelfde vulling. De warmteklasse of de TOG-waarde is een betere maatstaf.

Welke TOG heb je in de winter nodig?

De tabel zegt winter is 12 tot 13,5 TOG. Maar of jij dat nodig hebt, hangt minder af van de maand dan van je slaapkamer en van jezelf. Drie vragen helpen bij de keuze.

  • Hoe koud is je slaapkamer ’s nachts? Slaap je met het raam open in een oud huis waar de verwarming in de slaapkamer uit staat, dan is een winterdekbed van rond de 13,5 TOG logisch. Slaap je in een goed geïsoleerd huis of een nieuwbouwwoning, dan blijft het daar ’s nachts vaak warmer en is het herfstdeel alleen al genoeg. Waarom nieuwbouw ’s nachts zo slecht afkoelt, lees je in ons stuk over nieuwbouwslaapkamers.
  • Ben je een warme of een koude slaper? Iemand die snel zweet in bed heeft aan een lagere TOG genoeg, ook in januari. Heb je juist altijd koude voeten, dan kies je eerder hoger. Voor dat laatste helpen bedsokken soms al meer dan een dikker dekbed.
  • Slaap je alleen of samen? Twee mensen onder een dekbed warmen elkaar op. Stellen met een groot verschil in warmtebehoefte doen er goed aan om twee losse eenpersoonsdekbedden te nemen, elk met een eigen TOG.

Waarom te warm slechter slaapt dan te koud

Het is verleidelijk om in de winter het dikste dekbed te kiezen dat er is. Maar te warm slapen geeft vaak meer onrust dan een beetje fris. Een te koud dekbed vul je makkelijk aan met een plaid, een te warm dekbed kun je alleen van je af trappen. Kies bij twijfel dus liever iets lager en leg er een deken bij. Lig je toch geregeld wakker midden in de nacht, lees dan ook elke nacht om drie uur wakker.

Waar je bij het kopen op let

Staat er alleen “warm” of “extra warm” op de verpakking, dan weet je eigenlijk niets. Zoek naar een TOG-waarde of een warmteklasse, en kijk bij een vierseizoenendekbed naar de waarden van beide delen apart. Let ook op de maat. De Consumentenbond hanteert als vuistregel een dekbed dat 20 centimeter langer en breder is dan je matras.

Wanneer je het zomerdeel aan het herfstdeel knoopt, lees je in wanneer zet je een vierseizoenendekbed om. En moet je dekbed eerst nog even fris de winter in, dan staat in je dekbed in de wasmachine hoe je dat aanpakt.

Onze keuze voor de meeste Nederlandse slaapkamers is een vierseizoenendekbed waarbij je deze maand begint met het herfstdeel van rond de 9 TOG, en pas het zomerdeel erbij knoopt als je het echt koud krijgt. Dat is voor de meeste mensen pas ergens in december of januari, en in een goed geïsoleerd huis soms helemaal niet.

Redactie SNRK

Lees meer over onze redactie en werkwijze.