Dons of synthetisch dekbed: welke vulling past bij jouw nacht

Inhoudsopgave
Wat de vulling eigenlijk doet
Een dekbed verwarmt je niet, het houdt de warmte vast die je zelf maakt. Dat doet het met lucht. Hoe meer stilstaande lucht de vulling tussen haar vezels vasthoudt, hoe beter het isoleert. Tegelijk moet het vocht kwijt kunnen, want je verliest ’s nachts via je huid gewoon vocht. Een dekbed dat dat vocht niet doorlaat, voelt na een paar uur klam aan, en dan lig je juist kouder of je gooit het dekbed van je af.
Precies op die twee punten verschillen dons en synthetisch. Volgens de Consumentenbond houdt dons warmte uitstekend vast, laat het vocht goed door en is het licht. Synthetische vulling, gemaakt van polyester of een andere kunststofvezel, houdt warmte wat minder goed vast en laat vocht minder goed door. Om even warm te zijn, moet een synthetisch dekbed daarom dikker en zwaarder zijn dan een donzen exemplaar.
Belangrijk om te weten is dat de warmte zelf niet aan de vulling hangt. Een donzen en een synthetisch dekbed met dezelfde warmteklasse of dezelfde TOG-waarde houden even veel warmte vast. Hoe je die waarden leest en welke je in de winter nodig hebt, staat in ons stuk over de TOG-waarde van een dekbed. Het verschil zit in hoe die warmte aanvoelt: licht en droog bij dons, wat zwaarder en soms broeieriger bij synthetisch.
Dons en veren: licht, droog en lang mee
Dons komt van eenden en ganzen. Het zijn de zachte pluisjes onder de veren, zonder harde schacht. Veren hebben die schacht wel en zijn zwaarder. Veel dekbedden bevatten een mengsel, en de Consumentenbond waarschuwt dat “dons” op een etiket van alles kan betekenen. Kijk daarom naar de precieze samenstelling op het etiket. Een vignet volgens de Europese norm EN 12934 laat zien dat de opgave van dons en veren is gecontroleerd.
De sterke kanten van dons zijn het gewicht en het klimaat onder het dekbed. Het valt mooi over je heen, sluit goed aan bij je lichaam en voelt bij gelijke warmte veel lichter dan synthetisch. Wie ’s nachts snel transpireert maar toch warm wil liggen, heeft daar het meeste aan. Een goed onderhouden donzen dekbed gaat bovendien lang mee.
Daar staat iets tegenover. Dons is een dierlijk product, en niet altijd diervriendelijk. Wie daarop wil letten, kan kiezen voor een keurmerk zoals de Responsible Down Standard of Downpass, of voor gerecycled dons. Volgens de Consumentenbond is gerecycled dons kwalitatief niet slechter dan nieuw dons. En dons laat zich minder makkelijk wassen. Dat is geen detail, want daar zit het grootste verschil voor mensen met een allergie.
Synthetisch: wasbaar, betaalbaar en beter bij allergie
Een synthetisch dekbed is goedkoper en vaak gewoon in de wasmachine te wassen op 60 graden. Op die temperatuur gaat huisstofmijt dood. Het Longfonds raadt mensen met een huisstofmijtallergie aan om beddengoed minstens eens per twee weken op 60 graden te wassen en de slaapkamer droog en goed geventileerd te houden. Een dekbed dat die temperatuur aankan, past daar veel beter bij dan een donzen dekbed dat je eens per jaar naar de stomerij brengt.
Synthetische vullingen lopen sterk uiteen. Sommige zijn dun en plat, andere hebben holle vezels die meer lucht vasthouden. De Consumentenbond zag in zijn test synthetische dekbedden die in de buurt komen van dons. Het nadeel blijft dat de meeste synthetische vulling vocht minder goed doorlaat. Dat wordt erger als ook de tijk, de stof om de vulling heen, van kunststof is. Een synthetisch dekbed met een katoenen tijk is daarom een betere keuze dan een dat helemaal uit plastic bestaat. Ook bij synthetisch kun je overigens voor gerecycled materiaal kiezen, bijvoorbeeld vulling van oude frisdrankflessen.
Wassen en onderhoud bepalen de keuze vaker dan je denkt
In de winkel denk je aan warmte. Thuis gaat het al snel over onderhoud. Een tweepersoons dekbed moet wel in je trommel passen, en dons moet na het wassen helemaal droog zijn, anders gaat het klonteren of muf ruiken. Wie geen grote wasmachine en geen droger heeft, is bij een donzen dekbed aangewezen op een wasserette of stomerij. Hoe vaak je een dekbed wast en hoe je dat aanpakt, lees je in ons stuk over je dekbed in de wasmachine.
Ook aan het eind van zijn leven verschillen de twee. Volgens de Consumentenbond kun je alleen donzen dekbedden bij een inleverpunt laten recyclen. Een synthetisch dekbed gaat bij het restafval.
Wol en de rest
Naast dons en synthetisch zie je ook wol, katoen, tencel en bamboe. Wol laat vocht goed door en voelt zwaarder aan, wat sommige mensen juist prettig vinden. Een wollen tweepersoons winterdekbed kan volgens de Consumentenbond bijna vier kilo wegen. Wol is lastig te wassen. Katoen is wasbaar maar isoleert minder goed, dus heb je meer vulling nodig. Tencel gedraagt zich ongeveer als katoen. Het zijn prima dekbedden, maar voor de meeste mensen blijft de keuze tussen dons en synthetisch.
Zo kies je
Wij zouden de keuze niet laten beginnen bij de prijs, maar bij drie vragen over jezelf.
- Heb je een allergie voor huisstofmijt, of astma? Kies dan synthetisch, met een katoenen tijk, dat op 60 graden gewassen mag worden. Dat weegt zwaarder dan alle comfortvoordelen van dons.
- Lig je snel te zweten, of vind je een zwaar dekbed benauwend? Dan is dons de betere keuze. Het laat vocht beter door en is bij dezelfde warmte veel lichter.
- Wil je het dekbed zelf thuis wassen, en vaak? Dan is synthetisch praktischer, zeker voor een kinderkamer of een logeerbed.
Valt geen van die drie op, dan is het een kwestie van gevoel en budget. Dons voelt luxer en gaat langer mee, synthetisch is goedkoper en makkelijker. Kies je voor dons, neem dan een keurmerk voor dierenwelzijn of gerecycled dons. Kies je synthetisch, let dan op een katoenen tijk en een hoge wastemperatuur.
En vergeet de warmte niet. De vulling bepaalt hoe het dekbed aanvoelt, de warmteklasse bepaalt hoe warm het is. Slaap je in een goed geïsoleerd huis, dan is een vierseizoenendekbed waarvan je in de winter de twee delen combineert vaak te veel. Wanneer je welk deel gebruikt, lees je in ons stuk over het dekbed voor vier seizoenen.





