Home / Artikelen

Windturbines dichter bij huis: wat bekend is over geluid en je nachtrust

Windturbines mogen straks dichter bij huizen staan dan het vorige kabinet wilde. Wie in de buurt van een gepland windpark woont, vraagt zich dan al snel af wat dat met zijn nachtrust doet. Het eerlijke antwoord is dat de wetenschap daar nog niet uit is. Wel is er veel bekend over de geluidsnormen, over wat onderzoekers wel en niet vinden en over wat je zelf in je slaapkamer kunt doen. Een overzicht.
Windturbines in een weiland met in de verte een rij huizen bij zonsondergang
Foto: Rico Schwab via Unsplash
Inhoudsopgave

Wat het kabinet wil

Eind augustus 2026 koos het kabinet voor een minimumafstand van twee keer de tiphoogte tussen een windturbine en een woning, meldde het Reformatorisch Dagblad. De tiphoogte is de hoogte van de grond tot de bovenste punt van een wiek. Een turbine van 200 meter hoog mag dan op 400 meter van een huis staan. Het vorige kabinet had nog vier keer de tiphoogte voorgesteld, dus de afstand wordt in feite gehalveerd. Als de landelijke regels ingaan, kunnen provincies volgens het RD geen strengere eigen afstanden meer hanteren.

Die afstand is maar een deel van de regels. Daarnaast komen er landelijke normen voor geluid en slagschaduw, en die zijn voor je nachtrust minstens zo belangrijk.

De normen voor nachtgeluid

Voor windturbinegeluid gelden twee maten. Lden is het gemiddelde over een heel etmaal, waarbij geluid in de avond en nacht zwaarder telt. Lnight gaat alleen over de nacht. Volgens de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland is die aparte nachtnorm er juist om slaapverstoring te voorkomen. Tot nu toe mag het geluid bij een woning niet boven de 47 dB Lden en 41 dB Lnight uitkomen.

In de concept-normen die het Rijk heeft opgesteld, wordt dat strenger. Volgens de Helpdesk Wind op Land is de standaardwaarde straks 45 dB Lden en 39 dB Lnight op de gevel van een woning. Gemeenten mogen daar met lokaal maatwerk van afwijken, maar niet verder dan de huidige 47 en 41 dB. Geluid met een duidelijke toon krijgt er een toeslag van 5 dB bij, en voor slagschaduw geldt een maximum van zes uur per jaar en twintig minuten per dag, met een verplichte stilstandsvoorziening. Voor laagfrequent geluid, de lage bromtonen, komt geen aparte norm.

Wat het onderzoek zegt over slapen

Het RIVM volgt het onderzoek naar windturbines en gezondheid op de voet. Het duidelijkste verband is dat met hinder. Hoe harder het geluid van de turbines, hoe meer mensen er last van zeggen te hebben. Voor slaap is het beeld minder eenduidig. Mensen die bij turbines wonen, geven wel vaker aan dat ze slechter slapen, maar op basis van de beschikbare studies valt er volgens het RIVM geen harde conclusie over slaapverstoring te trekken. Sommige studies vinden een effect, andere niet.

Over het lage bromgeluid zegt het RIVM dat dit binnenshuis rond de 20 dBA ligt als aan de Nederlandse normen wordt voldaan. Het instituut doet op dit moment zelf groot onderzoek naar het verband tussen windturbinegeluid, hinder en slaapverstoring, en verwacht de resultaten in 2026.

Dat het bewijs niet hard is, betekent overigens niet dat je klachten verzint. Geluid dat je stoort, en zeker geluid waar je je zorgen over maakt, kan het inslapen moeilijker maken. Mensen die meepraten over de plaatsing van turbines blijken er volgens onderzoek ook minder hinder van te ervaren.

Wat je zelf kunt doen in de slaapkamer

Woon je al in de buurt van een windpark, of komt er een, dan zijn er een paar dingen die je zelf in de hand hebt.

  • Kies de stilste kamer. Een slaapkamer aan de kant van het huis die van de turbines af ligt, scheelt vaak al. Muren en het huis zelf houden een deel van het geluid tegen.
  • Kijk naar je ramen. Met het raam open hoor je meer van buiten. Zorg dan wel dat er op een andere manier frisse lucht binnenkomt, bijvoorbeeld via ventilatieroosters, want een bedompte slaapkamer slaapt ook slecht.
  • Dempen in de kamer. Zware gordijnen, een vloerkleed en een gevulde kast tegen de buitenmuur dempen geluid een beetje. Verduisterende gordijnen helpen bovendien tegen de flikkering van slagschaduw bij zonsopgang.
  • Oordopjes of een rustig achtergrondgeluid. Zachte oordopjes voor de nacht of een apparaatje met ruis kunnen een terugkerend zoevend geluid naar de achtergrond duwen. Niet iedereen vindt dat prettig, dus probeer het een paar nachten.
  • Houd een logboek bij. Noteer wanneer je wakker ligt en hoe het waaide. Dat helpt bij een klacht, en ook bij een gesprek met je huisarts.

Als je echt slecht slaapt

Heb je het idee dat de turbines in de buurt de normen overschrijden, meld dat dan bij je gemeente. Die is verantwoordelijk voor de handhaving van de regels rond windparken op land, vaak samen met de omgevingsdienst. Een logboek met data en tijden maakt je melding sterker.

Slaap je al weken slecht, ongeacht de oorzaak, ga dan naar je huisarts. Die kan samen met je kijken wat er speelt en wat helpt. Wacht daar niet mee tot de discussie over afstanden en normen is beslecht, want die kan nog wel even duren. Wil je eerst zelf wat proberen, dan helpt het om je slaapkamer zo rustig en voorspelbaar mogelijk te maken, met vaste tijden en een donkere, koele kamer.

Redactie SNRK

Lees meer over onze redactie en werkwijze.